Over Coen
Coen Honig werd in 1964 in Rotterdam geboren. Zijn eerste zanglessen kreeg hij op zestienjarige leeftijd. Hij heeft lessen gevolgd bij o.a. Barbara Endendijk, Frans Huyts, Sylvia Schlüter, Joost van der Linden en Tom Sol en Sheila Barnes. Hij sloot zijn conservatoriumstudie aan de Schumann Academie af in juni 2010 als student van Ronald Klekamp en Margreet Honig en Ingrid Kapelle. Hij zong in Masterclasses en workshops van Evelyn Tubb, Emma Kirkby, Peter Kooij, Nicholas Clapton, John Hancorn, Peter Knapp, Neil Jenkins, Olaf Bär en Marius van Altena. Tevens volgde hij workshops ademhalen bij Petra Bodnik en Paul Triepels. Coen’s afstudeerscriptie methodiek is een werkstuk over stembegeleiding voor transseksuele mannen, die dus als vrouw geboren zijn. Lessen in het zingen van lichte muziek en opera kreeg Coen onder andere op de AIMS International Music School.
Coen is een veelzijdig zanger met een breed repertoire. Hij zingt liedrecitals, en soleert in grote oratoria zoals het Weihnachtsoratorium van Bach. Onlangs soleerde hij in de mis in G van Schubert en het Tantum Ergo van dezelfde componist, onder leiding van de Britse dirigent John Hancorn.
Daarnaast zong hij in diverse barokopera’s. Zo zong hij de titelrol in “Dido and Aneas” van Purcell met het Rotterdams Barokensemble, en eveneens de titelrol in “Albion and Albanius” van Louis Grabu, onder leiding van Anthony Rooley. Ook zong Coen gregoriaanse passiespelen op het festival voor Oude Muziek in York, met Evelyn Tubb en Michael Fields. In 2010 zong hij de rol van Betto di Signo in de opera “Gianni Schicchi” van Puccini, een project van AIMS international Summerschool, met Gregory Rose als dirigent en onder regie van John Ramster . In maart 2011 zong hij de rol van Uberto in La Serva Padrone van Pergolesi in Amsterdam en Den Haag, en in juli 2011 zong hij met de Ghent Baroque Players een van de hoofdrollen in de opera “The Death of Dido” door Pepusch, een productie in het kader van de Gentse feesten 2011.
Ook de moderne muziek schuwt hij niet. Zo zong hij de première van “Initatio” van Joost Kleppe op het Rembrand Festival in Leiden. Coen was ook de eerste die in Nederland op concerten liederen van de Oostenrijkse componist Peter Suitner zong.
Als koorzanger zingt Coen in professionele koren en wordt hij, omdat hij een uitstekend bladlezer is, ingehuurd als invaller bij goede amateurkoren die versterking bij een concert nodig hebben.
Coen is behalve uitvoerend musicus ook docent. In zijn grote privé praktijk geeft hij les aan leerlingen die klassiek en lichte muziek zingen. Tevens coacht hij acteurs bij het gebruiken van de stem, en geeft hij stemcoaching aan transseksuele mannen en vrouwen. Coen geeft naast sololessen ook ensembles les. In zijn praktijk worden duo’s , trio’s, een kwartet en een kwintet gecoached. Daarnaast is Coen stemdocent voor een popkoor. Sinds september 2011 is Coen aangesteld als docent zang aan de Paul van Vliet academie in Den Haag, een vakopleiding voor cabaret. Coen is lid van de Nederlandse Vereniging voor Zangdocenten.